Regelgeving ontwikkelingen wat zijn ze en wat betekenen ze voor vermogensopbouw?
Je bouwt vermogen op. Misschien maandelijks wat inleg op een beleggingsrekening, of je hebt gespaard voor een buffer. Goem geregeld, zou je denken. Maar wist je dat de regels waaronder je dat doet flink op de schop gaan? Het is soms best ingewikkeld om bij te houden. De ene keer hoor je iets over ‘Box 3’, de andere keer over duurzaam beleggen. Waar moet je nu echt op letten? Laten we de belangrijkste ontwikkelingen op een rijtje zetten, zonder dat je er een hoofdpijn van krijgt.
Box 3: De enorme verandering die eraan komt
Als je in Nederland woont en spaart of belegt, kom je in aanraking met Box 3. Dit is het deel van je inkomen uit sparen en beleggen. Momenteel werkt dit nog met een ‘fictief rendement’. Dat betekent dat de belastingdienst een schatting maakt van wat jouw geld moet hebben opgebracht, los van wat het echt deed.
Het huidige systeem is een soort overbrugging. Tot ten minste 2028 betaal je belasting over een bedrag dat de fiscus verzint. Ze delen je vermogen in tweeën: een deel wordt gezien als ‘spaargeld’ (met een laag rendementspercentage) en de rest als ‘beleggingen’ (met een veel hoger percentage). Vooral dat hoge percentage voor beleggingen zorgt voor discussie. Je betaalt namelijk belasting over een rendement dat je misschien wel of niet hebt behaald.
Waarom dat hoge percentage voor beleggingen pijn kan doen
Stel, je hebt een deel van je vermogen in aandelen of crypto zitten. De belasting gaat uit van een rendement van 5,88% (cijfers 2026). Als je in een slecht jaar maar 2% rendement haalt, of zelfs verlies lijdt, betaal je over 5,88% belasting. Dat voelt oneerlijk, en dat is het volgens de Hoge Raad in sommige gevallen ook.
Hier komt de zogenaamde ‘Tegenbewijsregeling’ om de hoek kijken. Dit is jouw gereedschap om het systeem te corrigeren. Je mag aantonen dat jouw werkelijke rendement over je hele vermogen lager was dan het gemiddelde fictieve percentage. Lukt dat? Dan betaal je minder belasting. Voor de jaren 2021 tot en met 2023 kun je dit nog navragen. De komende jaren is het zaak om je administratie op orde te hebben. Zonder bewijzen, geen korting.
Een blik vooruit: van 2028 tot de EU
De grootste verandering staat gepland voor 2028. Het streven is om volledig over te stappen op een systeem van werkelijk behaald rendement. Klinkt perfect, toch? Je betaalt precies over wat je wint. Echter, de uitvoering is complex. Vooral bij bezittingen die niet makkelijk te verkopen zijn – zoals een tweede huis of aandelen in een start-up – ontstaat er een uitdaging. Wanneer is de ‘winst’ pas echt? Pas als je het verkoopt? Of al als de waarde stijgt?
De verwachting is dat er twee groepen ontstaan: bezittingen die makkelijk verhandelbaar zijn (zoals aandelen op de beurs) en illiquide bezittingen. Bij de eerste groep tel je de winst jaarlijks op, bij de tweede groep misschien pas bij verkoop. Dit vergt een stukje fiscale planning en een goede administratie van jouw kant.
En het stopt niet bij onze grenzen. De Europese Unie wil dat we minder geld op een spaarrekening laten staan en vaker gaan beleggen. Ze zien hoe het in landen als Zweden werkt en stimuleren dit via plannen voor ‘Spaar- en Beleggingsrekeningen’ (SIA’s). Het idee is simpel: maak beleggen fiscaal aantrekkelijker dan sparen. Het is nu aan de Nederlandse overheid om te bepalen welke concrete voordelen hieraan verbonden gaan worden. Houd dit in de gaten; het kan een groot verschil maken voor je langetermijnstrategie.
Ethisch beleggen: van gevoel naar feit
We willen steeds vaker ons geld inzetten voor een betere wereld. Dat klinkt mooi, maar marketingtalen zijn experts in het groen kleuren van producten die dat niet perse zijn. Om hier paal en perk aan te stellen, is er Europese regelgeving gekomen die transparantie afdwingt: de SFDR.
Deze regel dwingt fondsen en banken om duidelijk te maken hoe ‘groen’ hun product nou echt is. Ze gebruiken hiervoor een soort stoplichtsysteem:
- Artikel 6: Dit is het stoplicht op rood. Het fonds heeft geen duurzaamheidsdoel en het kan zijn dat je belegt in bedrijven die je liever vermijdt.
- Artikel 8: Dit is oranje of lichtgroen. Het fonds zegt duurzame kenmerken te promoten, maar het is geen hoofddoel.
- Artikel 9: Dit is donkergroen. Deze fondsen hebben een expliciet duurzaam doel, zoals het bereiken van klimaatdoelen of betere werkomstandigheden.
Voor jou als belegger betekent dit dat je makkelijker kunt controleren of een fonds bij je waarden past. Je kunt niet meer zomaar aannemen dat een ‘mixfonds’ duurzaam is. Je moet in de documentatie duiken. Zoek je werkelijk impact? Dan kijk je verder dan alleen ‘ESG’ (Environmental, Social, Governance). Impactbeleggen gaat verder: het wil een meetbare positieve bijdrage leveren, bijvoorbeeld aan schone energie of betaalbare woningbouw.
Wat betekent dit nu voor jouw portemonnee?
De wereld van vermogensopbouw wordt complexer, maar ook eerlijker en transparanter. De belangrijkste les van dit moment is dat passiviteit geld kan kosten. Je kunt niet meer ‘zomaar’ beleggen en het aan de belastingdienst overlaten.
Het is zaak om nu alvast na te denken over de toekomst. Weet je hoeveel rendement je de afgelopen jaren echt hebt gemaakt ten opzichte van de forfaitaire percentages? Als je dat weet, kun je de tegenbewijsregeling eventueel gebruiken. Daarnaast is het slim om te kijken of je beleggingen passen bij het toekomstige systeem van werkelijk rendement.
Beleggen draait tenslotte niet alleen om cijfers, maar ook om het begrijpen van de omgeving. De keuzes die politici maken hebben directe invloed op je potje voor later.
Strategie aanpassen: administratie en selectie
Wat ga je doen met deze kennis? Ten eerste: zorg voor een sluitende administratie. Of het nu via je broker is of via Excel, je moet kunnen aantonen wat je werkelijke resultaten zijn. Dit is je verzekering voor de komende jaren.
Ten tweede: wees kritisch op fondsen. De kans is groot dat je beleggingen onder de huidige regels (met het hoge fictieve percentage) voorlopig nog even blijven bestaan. Tegelijkertijd bereidt de markt zich voor op een systeem waarin werkelijke winst en verlies tellen, en waar duurzaamheidsclaims hard gemaakt moeten worden. De ontwikkelingen op de markt volgen is dus cruciaal.
En vergeet de bredere economie niet. De rentes, de inflatie en de economische groei spelen allemaal mee. Een goede voorbereiding op je vermogensopbouw houdt rekening met al deze facetten.
Conclusie: Hou de regels in de gaten
De tijd dat je geld simpelweg op een spaarrekening zette en er verder niet naar omkeek, is definitief voorbij. De overheid en Europa schuiven constant met de regels. Soms om oneerlijke situaties te fixen (zoals in Box 3), soms om ons te sturen (zoals met EU-plannen).
De essentie is dit: weet wat je bezit. Weet wat het rendeert en of dat realistisch is ten opzichte van de eisen van de belastingdienst. Kies bewust voor fondsen die transparant zijn over hun werkelijke impact en kosten. En tot slot: wees voorbereid op 2028. Het wordt een stelsel dat meer vraagt van je eigen kennis en administratie, maar dat uiteindelijk wel rechtvaardiger is. Of dat zo is, hangt af van hoe goed jij je voorbereidt.
]]>
Geef een reactie